De beleving van God?! (Terug)


Afgelopen zaterdag stond in het Nederlands Dagblad een verslag van een gesprek waarin zes betrokkenen hebben gepraat over het verschijnsel jeugdkerk. ‘Beleving’ is in dit verslag een sleutelwoord.’ Het verslag riep bij mij de volgende vraag op. Ontneemt de manier waarop over beleving en ervaring gesproken is, niet het zicht op het werkelijke probleem dat speelt onder hedendaagse jongeren en ouderen? Ofwel is God Fashion wel de oplossing voor het probleem, zoals dat ervaren wordt?


Wat is het probleem? Troost signaleert een knoop bij het ‘erbij horen’ (‘belonging’). Dat omschrijft hij als het contact met God en met elkaar. Voor hem is ‘belonging’ allereerst dat jongeren bij God horen. Hij stelt vervolgens de vraag: ervaren zij dát in de kerk? Schonewille reageert daarop met: ‘maar beleving, bevinding staan in onze tijd wel erg centraal. Daar kun je in doorslaan.’ Ter Haar vraagt: ‘Hoe kun je doorslaan in je beleving van God?’ Daarop antwoordt Schonewille: ‘ik bedoel doorslaan in het zoeken van ervaringen. Soms is God niet te ervaren.’ Geen van de deelnemers legt echter uit wat of hoe deze ervaring en beleving is. Ter Haar zegt daar iets over: ‘Het warme gevoel, dat God aanwezig is.’ Dit hangt bij haar samen met enthousiasme en blijheid in diensten.


Er is dus een probleem, maar is dit ook helder? Pas wanneer je het probleem duidelijk is en zicht hebt op de oorzaken, kun je werken aan een oplossing. Dat is lastig als het gaat om beleving. Wat is namelijk: ‘je beleving van God’? En wat betekent: ‘soms is God niet te ervaren’? ‘Hoe komt het dat jongeren in de kerk niet meer ervaren dat zij bij God horen?’ Antwoord op deze vragen is nodig voor een open gesprek over kerkdiensten en geloven. Is er geen helderheid dan gebruiken mensen dezelfde woorden, maar bedoelen zij andere dingen. Dit geldt zeker voor subjectieve woorden als beleving en ervaring. Die hebben alles te maken met persoonlijke gevoelens. Het gaat dan om mijn ervaring en jouw ervaring, ‘je beleving van God.’


Is de ervaring van de aanwezigheid van God een probleem? Verder stel ik de vraag: Hoe hangt de beleving van zijn aanwezigheid samen met mijn ervaring en gevoelens: ‘het warme gevoel dat God aanwezig is’? Hier ligt het gevaar dat mijn ervaring de maat wordt. Dat is er ook wanneer Ter Haar zegt: ‘Toch zou God Fashion ook voor ouderen heel goed kunnen zijn om God te ervaren.’ Missen zij die ervaring elders? En wanneer Schonewille zegt: ‘soms is God niet te ervaren.’ Aan wie ligt dat dan en wat voor consequenties kan dit hebben? Jezus Christus heeft de gelovigen beloofd: ‘Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding van de wereld.’ Die belofte heb ik ook ontvangen. Hij is met mij. Wanneer ik niet ervaar dat de Heer Jezus met mij is, ligt dat aan mij, aan mijn momenten van weinig geloof of van ongeloof. Het kan ook aan ziekte liggen, zoals een depressie, een dal van diepe duisternis. Bekering en/of genezing zijn dan nodig om de ervaring weer te vinden. In die zin heeft Ter Haar gelijk wanneer zij zegt: ‘God laat zich ervaren als je je voor Hem openstelt.’ Het gaat dus allereerst om de persoonlijke houding, zowel in de traditionele kerkdienst als in God Fashion.


Het is een geestelijk en relationeel probleem. De relatie met God is problematisch geworden. Troost stelt dat ook: ‘Het is een geestelijk probleem van onze tijd, dat we dat contact (met God en met elkaar) niet meer kunnen maken. Het is net of de werkingsruimte van de Geest wordt beperkt of gedimd, op de een of andere manier.’ Dit is een ernstig probleem. Als we het contact met God niet meer kunnen maken, hoe staat het dan met de relatie tussen God en ons? Kunnen we niet meer bidden? Kunnen we niet meer luisteren? Is het zo dat wij de werkingsruimte van de Geest beperken? Ook hier komt het erop aan om helder te zijn. Wat is deze werkingsruimte eigenlijk?


Is dit de oorzaak van het geestelijk probleem? Missen wij het contact met God, omdat wij de bijbel niet meer kennen als het Woord van God, de stem van de Geest? Hebreeën 3:7,8 is illustratief. De schrijver haalt daar Psalm 95 aan. Luister, zo zegt hij, naar wat de Geest zegt in Psalm 95. Sluit je voor Hem niet af, wanneer je vandaag zijn stem hoort. In het Oude Testament spraken de profeten: ‘zo zegt de HERE.’ God zelf was in hen aan het woord. Jezus Christus sprak de woorden van God (Joh. 14:10,11). Ik wil de bijbel vergelijken met een brief (e-mail) van een vriend aan zijn vriendin. Ze kennen elkaar. Ze houden van elkaar. ‘Het was net alsof ik even je stem hoorde, toen ik jouw brief las.’ Zij zullen het contact gaan missen wanneer zij hun brieven of e-mail niet meer openen! Wanneer ik mij open stel voor God, neem ik de tijd en wil ik luisteren naar zijn woorden. Dan is er contact. Hij spreekt tot Mij. Ik leer Hem steeds beter kennen. Ik vouw de handen en ik bid.


God laat ons in zijn woord ook de ervaringen en gevoelens van mensen zien. De Psalmen zijn heel leerzaam. De één ervaart dat God hem vergeten heeft (Ps. 42:10), maar weet tegelijk dat dit niet zo is (Ps. 42:12). Deze Psalm brengt de spanning onder woorden tussen verstand en gevoel. Een spanning die zoveel gelovige mensen onrustig maakt. Hoop op God! De ander ervaart de straffende hand van God (Ps. 6:2). Hij huilt onafgebroken (Ps. 6:7), maar weet ook dat God zijn gebed heeft verhoord. Dit zijn andere gevoelens en ervaringen dan ‘het warme gevoel dat God aanwezig is.’ Er is blijdschap en feest over de ondergang van de goddelozen en verlangen naar het oordeel van God (Ps. 9). David ervaart de grootheid en goedheid van God wanneer hij de schepping in Psalm 8 bezingt. Hij laat keer op keer zien dat de bevelen van God zijn hart verheugen en hem rijk maken (Ps. 19). De psalmen zijn een uitdrukking van de vertrouwelijke omgang tussen de gelovige en God.


Het lijkt mij in deze discussie dan ook heel belangrijk om na te gaan hoe jongeren en vooral ook ouderen, samen (weer) deze vertrouwelijke omgang met God leren kennen. Hoe kan daaraan heel het kerkelijk werk dienstbaar zijn!